Martin Bril in de Nieuwe Revu rond 1995. De periode die een ommekeer in zijn leven en carrière zou betekenen

Martin Bril in de Nieuwe Revu rond 1995. De periode die een ommekeer in zijn leven en carrière zou betekenen

Halverwege jaren ’90 verscheen in het nieuwjaarsnummer van weekblad Nieuwe Revu een reeks interviews met personen waarvoor het komende nieuwe jaar een ommekeer zou betekenen. Eén van die personen was de toen nog relatief onbekende schrijver-journalist Martin Bril. Bij het artikel stond een grote zwartwitfoto van Bril die een sigaretje rookt, enigszins verwilderd en zwarte kringen onder zijn ogen. In het interview deed Bril een bekentenis: hij was al jaren verslaafd aan drank en drugs en zou daar in het komende jaar mee stoppen.

Hij hield woord. En vanaf dat moment kwam zijn schrijverscarrière pas echt in een stroomversnelling: hij schreef meerdere boeken, zijn columns verschenen in respectievelijk het Parool en de Volkskrant, en Bril ontwikkelde zich tot de gelauwerde en geliefde stadschroniqueur zoals hij tegenwoordig herinnerd wordt.

Martin Bril werd geboren in Utrecht maar groeide op in Gelderland, Friesland en Groningen. Hij vertrok begin jaren ’80 naar Amsterdam om daar scenarioschrijven te studeren aan de Filmacademie. Hier in Amsterdam maakte hij deel uit van de groep kunstenaars waar ook Rob Scholte en Paul Blanca toe behoorden en die wordt beschreven in Joost Zwagermans zeer succesvolle roman ‘Gimmick’.

Met schrijver Dirk van Weelden vormde Bril geruime tijd een schrijversduo waar hij een aantal verhalenbundels publiceerde, daarnaast werkte hij als journalist voor verschillende kranten en magazines. Zijn feuilleton ‘Evelien’ werd bewerkt tot tv-serie, met collega’s Ronald Giphart en Bart Chabot maakte hij een theatertournee, en hij was een veelgeziene gast bij het tv-programma De wereld draait door. Bril was een veelschrijver en beperkte zich niet tot één bepaald onderwerp: hij schreef boeken over vaderschap, politiek, dieren en Napoleon. Bril is uitvinder van het woord ‘rokjesdag’.

Aan het einde van de Bosboom Toussaintstraat in Amsterdam-West ligt een pleintje, min of meer parallel aan de Constantijn Huygensstraat. Op de hoek van dat pleintje zit sigarenwinkel Surprise. Of beter: zat. Tientallen jaren achtereen werd het kleine winkeltje bemand door het echtpaar Truus en Piet. Ze hadden een hond die nog erger stonk dan het eten dat Truus in het keukentje achter de winkel voortdurend aan het bereiden was.’ (Uit: Buurtgeluiden – Surprise)

‘Oud-West, Amsterdam. Kerstbomenhandel op een winderige brug; hekken om de bomen, een kleine oude Kipcaravan voor de verkoper, een zwaargebouwde man in een winddicht oranje pak, een ijsmuts op met de kreet KOUD HÈ?’ Uit: Buurtgeluiden – Kerstboom

‘Bij mij om de hoek is een brug die de Koekjesbrug heet. Hij loopt over de Singelgracht. Aan de overkant begint het centrum van Amsterdam. Aan mijn kant ligt Oud-West. Het is een mooie, oude brug, en de naam vind ik ook mooi, voor een brug. Iedere keer als ik eroverheen kom, mompel ik hem even. Koekjesbrug.’ Uit: Buurtgeluiden – Koekjesbrug

Bril woonde in de Helmersbuurt, de derde Helmersstraat om precies te zijn. Hij kwam daar eind jaren ’90 wonen en schreef veel over zijn buurt. In het boek ‘Buurtgeluiden’ toont hij zich een scherp observator van details die je in de drukte van het dagelijkse leven makkelijk ontgaan, details die Amsterdam kenmerken en de Helmersbuurt typeren. Bril was niet alleen een vaardig chroniqueur van het stadsleven maar kon ook met scherpe pen zaken blootleggen die in zijn ogen onrechtvaardig waren, ook de gemeente ontkwam daar niet aan. Tekenend hiervoor is het hilarische verhaal ‘Betrokkenheid’ uit eerdergenoemde bundel Buurtgeluiden waarin Bril genadeloos het al dan niet correct functioneren van de stadsdeelorganisatie beschrijft.

Ik heb zo’n gevoel dat we toe gaan naar een heilstaat waarin de overheid alleen nog maar een facilitair bedrijf is dat websites ontwerpt, toolkits ter beschikking stelt en loketten bemant waar brave belastingbetalers die een speldje willen verdienen takkenbezems, rolcontainers, schoffels vuilniszakken en zwerfvuilknijpers kunnen afhalen. Het komt mij voor dat we ergens in dit traject besodemieterd worden, maar ik kan me vergissen. (Uit: Buurtgeluiden – Betrokkenheid)

Martin Bril in de omgeving waar hij vaak over schreef

Martin Bril in de omgeving waar hij vaak over schreef

In 2008 wordt voor de tweede maal kanker bij Bril geconstateerd, vrij snel is duidelijk dat het een ongeneeslijke vorm is. Dit laatste feit probeert hij echter zoveel mogelijk stil te houden, buiten een klein groepje familie en vrienden om. Maar steeds vaker verschijnt op de plek van Brils column in de Volkskrant de onheilspellende regel ‘Vandaag geen Martin Bril’, wat voor iedereen de ernst van zijn situatie duidelijk maakt. Op 22 april 2009 overlijdt Martin Bril op 49-jarige leeftijd.

Martin Bril in 2005

Martin Bril in 2005

(Foto’s: Hollandsche Hoogte)

Advertenties