Mathilde Willink, societybekendheid en levend kunstwerk, woonde de laatste jaren van haar veelbewogen leven in de villa aan de Weteringschans 22. In 1977 vond ze er ook de dood, onder mysterieuze omstandigheden. Een geschiedenis van Mathilde, en van het huis.

Mathilde dansend in haar huis aan de Weteringschans 22 in het tv-programma TV Privé van Henk van der Meijden. Op de achtergrond het hemelbed waarop Van der Meijden haar interviewde en Mathilde vijf maanden later dood werd gevonden.

Mathilde Willink dansend in haar huis aan de Weteringschans 22 in het tv-programma TV Privé van Henk van der Meijden, mei 1977. Op de achtergrond het hemelbed waarop Van der Meijden haar interviewde en Mathilde vijf maanden later dood werd gevonden.

Dezelfde plek waar Mathildes hemelbed stond tegenwoordig.

De plek waar Mathildes hemelbed stond tegenwoordig.

Mei 1977 heeft roddeljournalist Henk van der Meijden een spraakmakend televisie-interview met de Amsterdamse Mathilde Willink. Ze is net gescheiden van de 40 jaar oudere kunstschilder Carel Willink en de roddelrubrieken staan dagelijks vol met haar uitspattingen, vergelijkbaar met een Kim Kardashian of Paris Hilton tegenwoordig. Gelegen op een hemelbed in haar woning aan de Weteringschans spreken Van der Meijden en Mathilde over haar turbulente leven na haar echtscheiding. Mathilde praat openlijk over zelfmoord, gooit de haar gegeven bos bloemen uit het serreraam en krijgt een minuut zendtijd om te doen wat ze wil, die ze dansend invuld. Vijf maanden na deze uitzending wordt Mathilde Willink dood gevonden. Op datzelfde bed, in haar huis aan de Weteringschans 22. En ook dan is Henk van der Meijden daar weer bij.

Weteringschans 20/22 gezien vanaf de Stadhouderskade. Mathilde bewoonde de begane grondetage met de serre aan de waterkant rechts

Weteringschans 20/22 gezien vanaf de Stadhouderskade. Mathilde bewoonde de begane grondetage met de serre aan de waterkant rechts

Excentriek stijlicoon
Elke Amsterdammer kent ze: het rijtje statige stadsvilla’s naast Paradiso, alle gebouwd rond het einde van de 19e eeuw. Weteringschans 20 + 22 is een zogenaamde dubbele villa, gebouwd in 1883 in eclectische stijl, een combinatie van oude bouwstijlen. De architect J. Daverman ontwierp meerdere villa’s uit dit rijtje. De Weteringschans 22 kende meerdere bekende bewoners. Mode-ontwerper Frank Govers woont er in de jaren ’60 en geeft er wilde feesten, maar de bekendste bewoner betrekt in 1975 de woning: het excentrieke stijlicoon Mathilde Willink. Vers gescheiden van wereldberoemd kunstschilder Carel Willink vult ze dagelijks de krantenpagina’s door haar losgeslagen gedrag. Ze gaat wonen op de begane grond. Mathildes huis is karig ingericht, er staan een hemelbed, een kast met peperdure jurken, een kamerscherm en heel veel spiegels. Er is geen badkamer en geen keuken, er zijn geen borden of bestek in huis.

Weteringschans
De Weteringschans was in de 19e eeuw een grensgebied, hier hield de stad op. Tot midden 1800 stond hier een 5 meter hoge stadsmuur die de stad omringde vanaf de Houthaven langs Jordaan, Leidseplein, Weteringschans , Plantage naar het Marineterrein van de Entrepodok. De Weteringschans was het gebied tussen de twee grote stadspoorten Leidsepoort en Weteringpoort. In 1840 werd samen met de muur deze Weteringpoort gesloopt en vervangen door een tolhuis waarlangs bezoek van en naar de stad moest, dit zogenaamde commiezenhuisje staat er nog steeds op Weteringschans 30 aan de rand van het huidige Eerste Weteringplantsoen. Nadat de stadsmuur afgebroken was, begon hier rond 1870 de luxe woningbouw, te beginnen met een kerk van de dan net opgerichte Vrije Gemeente, een afsplitsing van de Nederlands Hervormde Kerk, de kerk zou later bekend worden als concertzaal Paradiso. Naast de kerk verrijzen zes gigantische villa’s in neoclassicistisch-eclectische stijl die worden bewoond door rijke houthandelaren en makelaars. Voor het schoolgaande kroost wordt aan de overkant het eerste stedelijke Gymnasium opgericht, vanaf 1927 bekend als het Barlaeusgymnasium. Het is een periode van ongekende welvaart in Amsterdam, en in de architectuurstijlen van de gebouwen wordt veelvuldig teruggegrepen op dat andere welvarende tijdperk, de Gouden Eeuw. Veel openbare gebouwen van uit die tijd zijn gebouwd in deze kenmerkende neoclassicistische bouwstijl, denk aan het Rijksmuseum of het Centraal Station. Twee van de zes villa’s uit het rijtje worden eind jaren ’70 gesloopt. Twee donkere kantoorkolossen komen er voor in de plaats: de zogenaamde peper en zoutpanden. Die vallen flink uit de toon bij de 19e eeuwse eclectische villa’s en wekken nogal wat beroering bij oplevering in 1982.

Met vriend Ger Lammens in de serre van Weteringschans 22, op de achtergrond rechts het Rijksmuseum (Foto: Fred Heyn)

Met vriend Ger Lammens in de serre van Weteringschans 22, op de achtergrond rechts het Rijksmuseum (Foto: Fred Heyn)

Dezelfde plek tegenwoordig

Dezelfde plek tegenwoordig

Mathilde en Carel
De Zeeuwse Mathilde de Doelder is de oudste en slimste van vijf zussen, ze rondt het Gymnasium cum laude af en vertrekt van Terneuzen naar Amsterdam. Daar ontmoet ze kunstschilder Carel Willink. Mathilde is 21, Carel is 60. Ze krijgen een relatie, en begin 1960 trekt Mathilde bij Carel in aan de Ruysdaelkade 15, in 1969 trouwen ze. Mathilde valt niet op zijn geld: Carel is wel beroemd maar niet rijk. Om in hun onderhoud te voorzien gaat ze halverwege de jaren ’60 zelfs enige tijd aan de slag als stewardess.

Begin jaren ’70 gaan de zaken beter voor Carel, wat hem de middelen verschaft om de onsterfelijke Mathilde te creëren zoals wij haar nu kennen. Mathilde hult zich in peperdure gewaden van de hippe ontwerper Fong Leng –30.000 gulden per jurk- en Carel vereeuwigt haar op zijn schilderijen. In Amsterdam is Mathilde een bezienswaardigheid, op straat schrijdend in de ondoorgrondelijke creaties van Fong Leng. Ze is een kostbare trofee voor de tweemaal eerder gehuwde schilder. ‘Ze is een superpoes, een mooi ding om in huis te hebben,’ zegt hij over haar.

De relatie tussen Carel en Mathilde is waarschijnlijk platonisch, maar de oude Carel blijkt er daarnaast meerdere minder platonische affaires op na te houden. In 1974 ontstaat hierdoor een huwelijkscrisis die breed uitgemeten wordt in de media. Mathilde bekogelt Willinks minnares met eieren, gaat Carel met een bijl te lijf, en snijdt met een mes een paar van zijn schilderijen aan flarden. Ze verlaat het huis aan de Ruysdaelkade en gaat wonen op de Weteringschans 22. De huizen liggen 200 meter van elkaar verwijderd, vanuit haar raam bespiedt Mathilde met een verrekijker haar oude woning.

Catfight
De periode na Mathildes scheiding van Carel is stormachtig en mediatechnisch gezien uniek en ongekend voor die tijd: ze weet zichzelf telkens in de kijker te spelen via krant, radio en tv terwijl eigenlijk niemand weet waarom precies, of wat haar talenten of verdiensten ook alweer zijn. Carel heeft inmiddels een nieuwe Mathilde-lookalike aan de haak geslagen, de hoogblonde 30-jarige Sylvia Quiël. Met haar komt Mathilde in een heuse catfight terecht, ’s nacht in Carels woning aan de Ruysdaelkade, volgens Carel en Sylvia nadat ze het huis in brand heeft proberen te steken.

Er zijn meer incidenten, Carel klaagt haar aan wegens een poging tot wurging en voor bedreiging. Mathilde zou de New Yorkse maffia op hem afsturen als hij Sylvia niet zou dumpen. Mathilde wordt opgepakt en na een urenlang verhoor weer vrijgelaten. Het is een soap om van te smullen, ware het niet dat het publiek achteraf getuige blijkt te zijn van de tragische ondergang van een intelligente, maar mentaal aftakelende vrouw. Mathilde zorgt slecht voor zichzelf en geeft een aantal malen bij haar huisarts aan dat ze opgenomen zou moeten worden. In de media spreekt ze openlijk over zelfmoord als aantrekkelijke optie voor het oplossen van haar problemen.

10 soorten slaaptabletten
Mathilde maakt nachtelijk Amsterdam permanent onveilig, is rusteloos en volgens sommigen angstig en labiel. Het nachtleven brengt haar behalve drank, drugs en weinig slaap ook vage vrienden en kennissen. Ze verlooft zich met haar zakenpartner Mulder, maar heeft ook een verhouding met de Amsterdamse cokedealer Gerard Vitalli. Ze heeft aanvallen van hysterie en gebruikt volgens eigen zeggen dagelijks 10 verschillende soorten slaaptabletten die ze wegspoelt met goedkope rode wijn. Ze heeft een pistool in huis waarmee ze soms uit balorigheid vanuit haar serre op eenden in de gracht schiet. Enige rust lijkt er te komen als ze eindelijk iets tastbaars en van haarzelf begint: een galerie aan de Keizersgracht 538, samen met kunsthandelaar George Mulder. Niet geheel toevallig is Keizersgracht 538 het geboortehuis van Carel Willink.

De voordeur van Mathildes huis

De voordeur van Mathildes huis

Het einde
Gerard Vitalli wordt in de namiddag van 25 oktober 1977 door twee politieagenten huilend in een hoekje van Mathildes slaapkamer op de Weteringschans 22 aangetroffen nadat hij hen gewaarschuwd heeft. Mathilde ligt dood in haar hemelbed, naakt onder een bontmantel die over haar heen is gelegd. Op haar borst ligt een pistool, in haar linkerslaap zit een kogelgat. Terwijl de agenten het huis doorzoeken duikt daar plotseling ook Henk van der Meijden op. Gerard Vitalli haalt buiten het zicht van de agenten snel acht zakjes wit poeder onder het bed vandaan en drukt die in de handen van Van der Meijden, zoals deze drie jaar later opbiecht in één van zijn boeken. Een dag later geeft hij de zakjes weer netjes terug.

Niemand wordt vervolgd, de zaak wordt afgedaan als zelfmoord. Later blijkt dat Mathilde op het moment van overlijden twee gebroken ribben had en schrammen in haar hals. Ook wordt een tweede kogel in de vloer van haar slaapkamer gevonden. Haar dood blijft een mysterie, precies zoals ze waarschijnlijk gewild zou hebben.

Mathilde wordt op 31 oktober 1977 begraven op begraafplaats Westgaarde. Pas in 1987 krijgt haar tot dan toe anonieme graf een sobere grafsteen. In 2003 verlopen de grafrechten en aangezien niemand zich meldt zou het graf geruimd moeten worden. Maar Westgaarde besluit het graf als monument aan te merken, wat voorkomt dat het voorgoed verdwijnt.

Carel Willink overlijdt in 1983. Sylvia Quiel -inmiddels Willink- woont nog steeds in het huis aan de Ruysdaelkade. Gerard Vitalli heeft jarenlang voor drugshandel in verschillende gevangenissen gezeten. Henk van der Meijden is tegenwoordig succesvol musicalproducent. Deze week verscheen de uitgebreide biografie ‘Mathilde’ van Lisette de Zoete.

Advertenties